Arnoldshof

Inhoud

Andere Japanse tuinen-3

 

Thee

Ondanks alle woelingen was de economie vanaf de twaalfde eeuw redelijk gegroeid. De uitbreiding van de landbouw en de beoefening van handwerk leidde tot een productietoename, die zeer voordelig was voor de kooplieden. Als betaalmiddel werd  (koper)geld belangrijk. Men kon zich in toenemende mate de import van goederen uit het buitenland, met name China, veroorloven. Een van de gewilde producten was thee. 

De Japanse Zenmeester Eisai (1141-1215) zou als eerste het drinken van thee hebben aanbevolen als middel om lang en gezond te leven. De abt Ikkyu Sojun (1394-1481) leerde zijn student Murata Shuko (1422-1502), dat het Boeddhisme en thee goed samen kunnen gaan. Shuko ontwikkelde de theeceremonie tot een kunstvorm, die werd beoefend in speciale theehuizen, vaak heel klein en eenvoudig, rustiek. De volgende grote theemeester is Takeno Joo (1502-1555). Hij kwam uit een rijke familie van leerlooiers uit Sakai, het huidige Ōsaka. Deze omstandigheid laat goed zien dat de theeceremonie heel belangrijk werd geacht. Want leerlooiers behoorden tot de onderste sociale laag, en daarmee had een fatsoenlijk mens geen contact. Takeno Joo was de leraar van Sen no Rikyū (1521-1591). Ook deze kwam uit een koopmansfamilie, en zou daarom geen toegang hebben tot adellijke kringen of het bestuur. Als erkend theemeester echter, kon hij ook politiek in contact komen met de leiders Oda Nobunaga en Toyotomi Hideyoshi, die beide bewonderaars van Rikyū waren.

 

De theeceremonie heeft de ontwikkeling van de tuinkunst direct en indirect beïnvloed. Na de dood van Rikyū, die bij Hideyoshi in ongenade was gevallen, liet deze in Kyōto een tuin aanleggen bij Sambō-in, een subtempel van Daigo-ji (1598). Hier hield hij zijn beroemde kersenbloesemfeest voor de keizer. Niet lang daarna werd hij ziek en stierf hij. Hideyoshi was de rijkste en machtigste man van zijn tijd. Maar omdat hij van nederige komaf was, stelde hij alles in het werk om bij de elite te horen. De theeceremonie en spectaculaire tuinen waren daartoe zeer geschikt. De invloed van Rikyū op de stijl van de tuin is niet zeker, wel zijn er een paar theehuizen. De macht en rijkdom van Hideyoshi blijken uit de prachtige stenen, die deels door vazallen werden geschonken, deels gewoon in beslag genomen, en uit de mooie gebouwen. Gedurende twintig jaar na Hideyoshi's dood ging het werk aan de tuin nog door. Het feitelijke werk werd gedaan door Kentei, een kawaramono (kawaramono = aan de rivieroever zijnden, misschien werd hij soms ook wel genoemd niwamono = tuinenmaker). Waarschijnlijk heeft hij er veel van zijn eigen ideeën in kunnen uitdrukken. 

De tuin was bedoeld om er in te wandelen en er naar te kijken vanuit de gebouwen. Tegenwoordig moet in ieder geval een gewone bezoeker op de veranda's blijven. Wat jammer is het, dat je niet mag fotograferen! Gedurende ons verblijf in Japan in 1998 hadden we een bezoek aan Sambō-in gepland, maar toen we aankwamen bleken er die dag  theeceremonies gehouden te worden en we mochten er niet in. Terwijl we buiten de toenmalige ingang stonden te wachten, konden we een paar foto's maken van de dichtstbijzijnde delen. Spijtig genoeg was het een nevelige ochtend zoals op de foto's hieronder te zien is. Maar alles zag er zo prachtig uit, dat we in 2003 de tocht weer ondernamen. Toen hebben we ervan genoten om op de veranda's te zitten en te lopen, en we hebben geprobeerd de beelden in onze geest op te slaan. De tuin is heel bijzonder omdat je de macht en rijkdom zo goed kunt zien en hij toch niet pompeus is. Hij is prachtig en zeer waardevol. Misschien is het leuk te weten dat sambō-in betekent drie schatten, te weten de drie schatten van het Boeddhisme: Boeddha, de leer en de priesters. Nu is de tuin (met de gebouwen) zelf een vierde schat.  

 

Sambo-in-plattegrond.jpg (31448 bytes)

Sambo-in-3.jpg (31868 bytes)

Sambo-in-66.jpg (29708 bytes)

Sambo-in-65.jpg (36489 bytes)

plattegrond

  Sambō-in

(foto uit folder)

een krachtige oeverafwerking  

moshelling met stenen

    

Uit dezelfde tijd, maar heel anders is Katsura Rikyū, (1616-1660). Prins Toshihito, een broer van de kroonprins, blonk van jongs af aan uit in literatuur en kunsten. Als kind werd hij geadopteerd door Hideyoshi. Toen Hideyoshi zelf een zoon kreeg, zette hij hem opzij en gaf hem een stuk land (niet het stuk van Katsura). Hij begon in 1616 met de aanleg van een villa in een eenvoudige maar waardige stijl. Na de dood van Toshihito in 1629 raakte de villa vervallen. Toen zijn zoon, prins Toshitada, een dochter van Heer Maeda trouwde, kwamen er voldoende financiële bronnen vrij om de villa te herbouwen en uit te breiden. Katsura beslaat iets minder dan 7 ha. Het is een grote vijvertuin om in te wandelen, met elementen uit de theetuin, in de stijl van Kobori Enshū (1579-1647). Terwijl je door de tuin wandelt over de verschillende prachtige paden zie je een opeenvolging van “plaatjes”, heel zorgvuldig gecomponeerd. Van vele foto's beroemd is de suhama, ofwel de kiezelstenen-kust,  met het lantaarntje op de punt. Deze suhama symboliseert niet het schiereiland Ama-no-hashidate zoals vaak wordt gedacht. Ama-no-hashidate wordt beschouwd als een van de drie beroemdste landschappen in Japan. Het is een heel erg smalle landtong. In Katsura wordt hij gerepresenteerd door twee kleine langwerpige eilandjes verbonden door een natuurstenen brug. Omdat het nemen van foto's verboden is, tonen we de enige prentbriefkaart die we konden vinden.

wpeF6.jpg (42569 bytes)

AMANOHASHIDATE-7.jpg (21681 bytes)

Korin-in-60.jpg (19695 bytes)

Katsura Rikyū:    Shōken-tei, "Amanohashidate" en suhama (briefkaart)  

Amanohashidate

Kōrin-in

 

Een lieflijke theetuin is er bij de tempel Kōrin-in in het Daitoku-ji complex. Ongeveer 1520. Het pad is informeel en uitnodigend. Op onze foto overigens ligt op een van de stapstenen een kei met een touw op een bepaalde manier eromheen gebonden, een tome-ishi. Dat betekent dat je daar niet voorbij mag.

Sentō Gosho, begonnen in 1633, ligt in het centrum van Kyōto. Het was het paleis voor de keizer in ruste. Ernaast lag Ōmiya Gosho, een paleis voor de keizerin weduwe. Dit laatste is er nu nog wel, het eerste niet, omdat er na de zesde brand geen keizer in ruste was. Het terrein omvat 9 ha. De tuin is gemaakt door Kobori Enshū, de meest vermaarde ontwerper van zijn tijd. Ook in deze tuin zijn grote vijvers, verschillende landschappen en een aantal theehuizen. Een element dat in deze vroege Edo tijd weer werd gebruikt is het kiezelstrand. Er is een mooie afwisseling van (bos)massa en openheid, van overzicht en detail. Voornaam, maar toch ook ons gevoel aansprekend. In vergelijking met de bovenste tuin van Shūgakuin Rikyū, waarmee verwantschap lijkt te bestaan, is hier een wandeling gevarieerd en een avontuur.                                         

Sento-Gosho-89.jpg (34584 bytes)

Sento-Gosho-97.jpg (32830 bytes)

Sento-Gosho-95.jpg (30908 bytes)

Sentō Gosho

 

Aan de voet van de berg Hiei, die aan Kyōto vanuit het noordoosten beschutting geeft, ligt Shūgakuin Rikyū, de villa van de afgetreden keizer Gomizunoo. De aanleg vond plaats tussen 1652 en 1666. Er zijn, op verschillende hoogten, drie verschillende tuinen, van elkaar gescheiden door rijstvelden. De onderste tuin vinden wij niet aantrekkelijk; er is geen helder concept, en de stenen staan heel armoedig óp de aarde, niet erin. Ook de middelste tuin bekoort ons niet. Hij oogt rommelig, met veel kleine stenen. 

Maar dan boven: een weidse tuin in een nog weidsere omgeving. Een grote vijver, drie eilanden, schitterende bomen en weinig maar grote stenen, die treffend gebruikt zijn. Het panoramische gezicht vanuit Rin-un-tei (paviljoen van de dichtbijgelegen wolken) is een bekend beeld. De uitgestrekte hemel geeft de vijver en het daar achter en  beneden liggende Kyōto een lijst, een techniek die shakkei genoemd wordt (geleend landschap) of ikedori (levend pakken).

 

Shugaku-in-117.jpg (23088 bytes)

Shugaku-in-121.jpg (14685 bytes)

Shugaku-in-119.jpg (38055 bytes)

Shūgakuin Rikyū

Tuinen en Zen  

Zen ideeën waren al in de Nara tijd in Japan bekend. Als een aparte school komt het in de Kamakura periode naar voren. De shōguns en krijgsheren, die de macht van de keizers en hun omgeving over hebben genomen, voelen zich aangesproken door de veel soberder levensstijl die bij Zen past. Bovendien kunnen ze, door Zen kloosters te stichten, belangrijk te maken en materieel te controleren, de macht en rijkdom van de oudere kloosters inperken. 

De grotere eenvoud die de nieuwe orde kenmerkt, komt ook tot uitdrukking in veel van de tuinen die in deze perioden worden gemaakt. We bespreken er enkele van. 

Eerder werd al genoemd Tenju-an, in 1338 gebouwd ter herinnering aan de stichter van Nanzen-in. Het oude pad  is gevat in banen van mos. Dat is vrijwel zeker pas later ontstaan. De omgeving is eind 19e eeuw gemaakt als reconstructie van een oudere tuin.

 

Tenju-an-16.jpg (38647 bytes)

Tenju-an-15.jpg (47165 bytes)

het oude pad

Zen tuin

 

Sesshū-ji (1321) oorspronkelijke naam Funda-in, in Tōfuku-ji. De tuin werd ontworpen door de beroemde priester-schilder-ontwerper Sesshū (1420-1506).  Lang in verval geweest, maar in de 20e eeuw dankzij de tuinarchitecten Mirei Shigemori en Kinsaku Nakane (over wie later meer) gerestaureerd. Een mooi gebouw met aan drie zijden tuinen met mos en kleine stenen. In het oosten een Hōrai-groep. In het westen een steil stroompje met veel kleine stenen in een ijl bosje. Het zuiden: kraanvogel en schildpad in mos, achter een nantei van gravel. Het geheel maakt een zachte en ronde indruk. We hadden iets scherpers van de schilder Sesshū verwacht! Op handhoogte in de rijstpapieren schuifdeuren (shōji) zaten gedroogde varenbladeren en grasjes, een idee dat we erg leuk vonden.

Sesshu-ji-1.jpg (43543 bytes)

SESSHU-JI-3.jpg (46910 bytes)

Sesshu-ji-12.jpg (45620 bytes)

versiering in de shōji 

vanaf de veranda

stroompje in het westen

De Zen tuin van Ryōan-ji (eind 15e eeuw) is beroemder dan de benedentuin met de grote vijver (zie Andere Japanse tuinen-1). Hij wordt toegeschreven aan Sōami, een schilder en tuin ontwerper die stierf in 1525, maar er zijn twijfels over. Het is een karesansui van iets meer dan 300 m² met witte gravel en 15 stenen verdeeld over 5 groepen. De muur eromheen is gemaakt van leem, gekookt in olie. Door de tijd is daarin een merkwaardig patroon ontstaan. De tuin ligt op een terras op een steile helling. Vroeger kon je door de kronen van de pijnbomen achter de muur de heuvel Otokoyama zien. Nu zie je de kronen van Prunus bomen. Ze geven, zeker in voorjaar en herfst, een perfecte achtergrond voor de tuin. Wij vonden het bijna niet te geloven dat een tuin die zo beroemd is, en zoveel bezoekers heeft te verdragen, nog steeds zoveel sfeer heeft. Misschien was het omdat we er om acht uur in de morgen waren: een kwartier lang maar drie personen.   

Ryo-an-Zen-43.jpg (36658 bytes) Ryo-an-Zen-44.jpg (34369 bytes)

Raikyū-ji in Takahashi. Het is niet bekend hoe oud de tempel is, maar hij werd vernieuwd in 1339 en 1504. In 1604 kwam Kobori Enshū hier wonen om veilig te zijn voor de felle oorlogshandelingen. In de 650 m² grote tuin gebruikte hij ōkarikomi (gesnoeide azalea en Camellia struiken) om een gevoel op te roepen van golven in een zee van zandige gravel. Het kraanvogel- en schildpad-eiland zijn zo geplaatst dat ze de berg Atago in de achtergrond weerspiegelen. De tuin naast de shoin met gravel en een mooi pad wordt karakteristiek voor Enshū geacht. Het geheel is ontworpen met aandacht voor details en het is in zijn oorspronkelijke vorm bewaard gebleven.   

RAIKYU-JI-TAKAHASHI-8.jpg (33741 bytes)

Raikyu-ji-1.jpg (42186 bytes)

Raikyu-ji14.jpg (38662 bytes)

Chishaku-in. Herbouwd in 1674 op de plaats van een eerdere tuin uit de late16e eeuw. De tuin is niet gemakkelijk in een categorie te plaatsen. Op de steile helling in het oosten ligt een droge waterval met een kleine lichtgebogen natuurstenen brug. Het water van de vijver stroomt tot onder de shoin en de uitgestrektheid maakt het zeer dominerend. Je hebt het gevoel van een botsing van ideeën. We weten niet wie de tuin maakte en wat de leidende gedachte erachter was. Niet heel lang geleden is de droge waterval geschikt gemaakt voor echt stromend water. Er is een theorie die zegt, dat de vijver bedoeld was als een waterreservoir om de branden die er zo vaak waren te kunnen blussen. Er was inderdaad een vernietigende brand in 1682. Hoe het ook zij, de tuin wordt zeer goed onderhouden, de stenen zijn heel mooi en de uitgestrektheid van het stille water is gewaagd. Wij waren zeer gecharmeerd van de al vaak afgebeelde chōzu-bachi waarin het water de vijver weerspiegelt.  

CHISAKU-IN-6.jpg (44748 bytes)

CHISAKU-IN-9.jpg (27138 bytes)

Chishaku-in-21.jpg (42253 bytes)

 

  Inhoud      Andere Japanse tuinen-1      Volgende